30-05-17

Izenberge, woensdag 30 mei 1917

Jean schrijft zijn ouders: " Dank u voor de 2 brieven. Ze deden me veel deugd. Ik heb mijn grootouders geschreven en hoop dat de brieven hen tijdig bereiken.

Mama deed me een aanlokkelijk voorstel: een beetje fijn, dun linnen. Ja, heel graag. Als het kan 2 dunne hemdjes zonder mouwen, maar de onderbroeken zo stevig als mogelijk want ik scheur ze vaak aan de naden aan de onderkant. Twee stuks van elk volstaan ruimschoots. Vergeet echter niet om ze te markeren met «JP 'l=», om ze niet kwijt te spelen in de boerderijen «Ici on lave pour les militaires»! De wasserij van Schoten was ontegensprekelijk beter ...

Het verlof waar ik al zo lang op wacht, komt er niet voor het einde van de maand, omdat ik eerst de boekhouding van het trimester moet afwerken. Dat is altijd een groot werk! Daarna zal ik tegen kapitein Mathieu iets zeggen in deze trant van: «Al meer dan 8 maanden heb ik geen verlof meer gehad. Ik heb me niet laten wegbrengen met mijn oorontsteking om bij u aan het front te blijven. Daarvoor moest ik 3 maanden in de achterhoede blijven. Nu vraag ik u om alles te doen om mijn verlof een beetje te verlengen als waardering voor wat ik allemaal aanhaalde. Ik veronderstel dat u geen bezwaar hebt, dat ik het zo doe !» Denkt ge niet dat hij dat gedaan krijgt bij kolonel Godts?

Natuurlijk ben ik op dit ogenblik in uitstekende gezondheid. Maar het is geen plantrekkerij om (met vertraging) enkele dagen meer te vragen, want ik heb gedurende 3 maanden genoeg gezien in de achtergrond. Als je zou zien hoeveel plantrekkers proberen om opgenomen te worden in de opleidingskampen, zou je me groot gelijk geven.

Het weer blijft geweldig en het leven aan het front is best aangenaam, maar dat betekent niet dat ik er naar uitkijk om er een tijdje aan te ontsnappen.

Luitenant Meert, die op 27 maart 1917, voor de tweede keer gekwetst werd toen hij in de ziekentrein getroffen werd door schrapnels van een bom, is terug. Op een duim aan zijn linkerhand na, is hij helemaal genezen. Hij schijnt blij te zijn dat hij terug bij ons is.

Wat is de wereld klein. Laatst, toen ik kolen ging halen in een schuilplaats, zei de iemand me plots goeiendag. Het was Jean Gossé uit Deurne, soldaat in het 7de linieregiment. Het was een arbeider van Eliaerts die nog bij ons gewerkt heeft. Hij zendt je vele groeten.

... en nu moet ik snel stoppen, want Henri Bom komt binnen om me op het bureau te zien. [1]

 

[1] Vertaling op basis van 'Daniël Vanacker, Un mitrailleur à l'Yser, La correspondance de guerre de Jean Pecher.'

19:00 Gepost in Blog | Permalink | Commentaren (0)

29-05-17

Izenberge, dinsdag 29 mei 1917

Terwijl Fons en Jean in rust zijn, is Gaston aan het front ten zuiden van Diksmuide (tegenover Heernisse en Esenkasteel) [1] . Ze bezetten er de ondersector SI waar er een uitgebreid no man's land is dat kansen biedt om verkenningen te doen om gevangenen te nemen. Bij één van die tochten vallen de Belgische soldaten vandaag in een hinderlaag. Luitenant Schnitzeler sneuvelde hierbij.

 

[1] http://www.wo1.be/nl/faq/detail-186

19:00 Gepost in Blog | Permalink | Commentaren (0)

28-05-17

Izenberge, maandag 28 mei 1917

Na het 'kanonnen-concert' van de Belgen namen de Duitsers vandaag weerwraak.

1917-05-28-dagboek.jpg

Gaston verwoordt het zo: "Rouw in de compagnie. Wij verliezen de heer Delannoy, onze kapitein, geliefd om zijn rechtvaardigheid.

Piloten die bij dit prachtig weer de streek overvlogen, gooiden enkele bommen, waarvan er één onze kapitein en onze chef-kok doodde. Nog anderen kwamen om het leven of raakten gewond (Fortem). Dit is het onbegrijpelijke van het noodlot: je hebt al zoveel beschietingen doorstaan in de eerste lijn en dan word je dodelijk getroffen tijdens de rustperiode, waarin je had gehoopt prettige dingen te beleven.

Ik sloop achteraan binnen in het hospitaal en zag de gesneuvelde kapitein op een brancard liggen. In het kantonnement wordt over niets anders gesproken. De chef-kok ging zelden van zijn soepketel weg en zijn vriend, bij wie hij op bezoek was, is eveneens dood. John, de hond van de kapitein, loopt te treuren en is links en rechts op zoek naar zijn verloren meester." [1]

 

[1] André Gysel, Gaston Le Roy, dagboek van een Vlaamse Oorlogsvrijwilliger tijdens WO1, Lannoo

14:08 Gepost in Blog | Permalink | Commentaren (0)

1 2 3 4 5 6 7 8 Volgende